Reisverslag Jordanië: Groepsrondreis Mystiek Jordanië

Zaterdag 17 november 2007

Jordanië, Amman - De korans van de King Abdullah bin Al_Hussein Mosque

Na een goede vlucht landen we precies om 21.45 uur, plaatselijke tijd 22.45 uur. We hebben er dus 4 uur en een kwartier over gedaan. Buiten het vliegtuig staat een bus klaar, die ons in een paar minuten naar de aankomsthal rijdt. De bagage komt snel door, het visum is door de reisorganisatie geregeld, dus passeren we vlot de immigratie.

We worden opgevangen door een Engels sprekende medewerker van de reisorganisatie, die ons naar de gereedstaande bus leidt. Onze groep bestaat uit 16 personen en dat is een prima aantal.


Zondag 18 november 2007

Om halfacht zitten we aan het ontbijt. Het ontbijt is heel redelijk, we verblijven tenslotte in middenklasse hotels, dus overdadige ontbijtbuffetten moeten we niet verwachten. Om half negen stappen we in de gereedstaande bus en maken kennis met onze reisleider. Het blijkt een Jordaniër te zijn, die zichzelf de Nederlandse taal heeft eigengemaakt. Ik vind dat een bijzondere prestatie! Zijn naam is: Hamdan.

Om te beginnen rijden we naar de King Abdullah Moskee. De moskee is in 1989 door koning Hoessein (1935-1999) gebouwd ter nagedachtenis aan zijn grootvader. Van de ruim 6 miljoen Jordaniërs is 92% moslim (soeni-richting) en 6% christelijk (vooral Grieks-orthodox). Mannen mogen zonder meer de moskee betreden, vrouwen moeten een soort ‘chador’ met capuchon aan. Wel moet iedereen zijn schoenen uittrekken.

We verzamelen ons in het midden van de koepel en maken een klein kringetje. Hamdan vertelt dat de Islam is gebaseerd op vijf zuilen. Hamdan vertelt dat, wanneer er vanaf de minaret door de muezzin wordt opgeroepen tot het gebed, vele moslims naar deze moskee gaan. Op vrijdagmiddag komen er hier soms 3.000 gelovigen bijeen.

Wat nu volgt is heel bijzonder. Hamdan legt uit waartoe de strepen op het tapijt dienen en hij laat zien waar een moslim zich opstelt voor het gebed. Daarna spreekt hij de heilige Arabische teksten uit en voert de bijbehorende bewegingen uit. Vooral in deze ruimte maakt dit wel indruk op mij.

Vervolgens rijden we in een kwartiertje naar de Citadelheuvel of in het Arabisch Jabal al-Qala’a. Amman is gebouwd op zeven heuvels en nu staan we op de heuvel die het eerst bewoond werd. Wat meteen opvalt zijn de pilaren van de Herculestempel gebouwd rond 170 ter ere van de Romeinse Keizer Marcus Aurelius (161-180). Het is een prestatie van formaat om deze segmenten te stapelen tot pilaren.

Na een rondje door het kleine museum stappen we weer in de bus en rijden naar het Romeinse theater. Er zijn 44 rijen met in totaal 6.000 zitplaatsen. Wat is alles nog in goede staat, als je bedenkt dat het theater tussen 169 en 177 is gebouwd, onder het bewind van Marcus Aurelius. Tot heden is het theater nog in gebruik. Ik zie dat het inmiddels 28 graden is.

We stappen weer in de bus en rijden een uurtje in noordwestelijke richting. We stoppen even na enen bij een groot restaurant. Na het saladebuffet krijgen we een pannetje uit de oven, met daarin gehakt, tomaten en aubergines. Turks brood erbij, wat wil je nog meer. Dat het brood vers uit de oven komt, zien we even later.

Het bezoek aan Gerasa is één van de hoogtepunten van deze Jordanië-reis. Alexander de Grote (356-323 voor onze jaartelling) stichtte de stad, de Nabateeërs breidden de stad uit, onder de Romeinen ontwikkelde de stad zich tot cultureel centrum en de bisschoppen van het Christelijke Byzantijnse Rijk bouwden er een groot aantal kerken. Helaas, de aardbeving van 747 vernielde Gerasa en de bevolking hield het voor gezien. In de loop van de jaren raakte de stad bedekt onder een dikke laag zand. Meer dan 1000 jaar werd er niet naar de stad omgekeken tot de Duitse archeoloog Seetzen in 1806 de stad herontdekte.

Momenteel bezoeken duizenden toeristen per dag de best bewaarde ruïnestad van het Midden-Oosten. Deze stad wordt ook wel het Pompei van het Midden-Oosten genoemd.

We hebben nauwelijks twee uur in Gerasa doorgebracht, ik had hier best wel een hele dag kunnen doorbrengen. Maar ja, dit is een korte rondreis, eigenlijk een kennismaking met Jordanië. Ik moet echt nog een keer terug, dat spreekt.

In dik een uur rijden we terug naar ons hotel. Hamdan stelt voor om voor ons een authentiek Jordanees restaurant te bespreken. Dat lijkt ons wel wat en tegen zevenen vertrekken we per taxi. Voor de taxi betalen we 1 dinar per persoon, dat is toch te doen.


Maandag 19 november 2007

Kerak Castle Jerash Jordanië

ver de ruïnes heen is door Franciscaner monniken een nieuwe kerk gebouwd. Verder staat deze kerk bekend om zijn mozaïekvloer. We rijden verder over de King’s Highway naar de stad Madaba. De ‘Weg van de Koningen’ is een van de oudste routes in het Midden-Oosten. Al meer dan 5.000 jaar trokken langs deze weg karavanen, legers en veroveraars. In de Sint-Joriskerk is een landkaart in mozaïekvorm van Palestina te zien, uit het jaar 560. Dit mozaïek bestaat uit meer dan twee miljoen steentjes en meet 15 bij 5 meter. Helaas is het nogal beschadigd, maar het blijft indrukwekkend. Tegen tweeën gebruiken we in een restaurant de lunch.

Daarna gaan we naar het kruisvaarderskasteel Kerak uit 1142. Het kasteel neemt het volledige plateau van 250 meter lengte in beslag. Het bestaat uit zes verdiepingen en vooral de lager gelegen gangen, voorraadkamers, vertrekken, werkplaatsen enz. verkeren nog in goede staat. Aardedonker is het daar uiteraard.

Ons wacht nu nog een rit van bijna drie uur naar de stad Petra. We krijgen de beschikking over een grote kamer, met maar liefst drie bedden. Tegen achten staat het diner in de vorm van een buffet gereed.


Dinsdag 20 november 2007

Petra, Jordanië

Om zeven uur staan we op en een kwartiertje later zitten we aan het ontbijt. De kok bakt eieren, omeletten en pannenkoeken. Dat gaat er wel in, uiteraard. Om half negen zitten we in de bus en rijden in een kwartiertje naar de ingang van de ruïnestad Petra.

Petra was de (Romeinse) naam van de hoofdstad van de Nabateeërs. Dit was een bedoeïenenvolk dat zich omstreeks het jaar 1000 voor onze jaartelling vestigde in de vallei van Petra. De rijkdom van de Nabateeërs is te danken aan de handelsroute van Jemen, 1600 km zuidelijker gelegen, naar Perzië, Syrië en de Griekse en Romeinse rijken. De Nabateeërs hadden lange tijd een eigen koninkrijk, dat echter in het jaar 106 door keizer Trajanus onder Romeins gezag gebracht werd. Later werd de stad de zetel van een bisdom, maar in het jaar 551 (365?) werd de stad ingenomen door de Perzen en bovendien getroffen door een aardbeving.

De Zwitser Johann Ludwig Burckhardt herondekte Petra in het jaar 1812 voor de westerse wereld. Momenteel staat Petra op de lijst van de zeven moderne wereldwonderen. Na de entree (JD21,-) loopt er een brede toegangsweg, die lichtjes daalt, naar de ingang van de kloof. Wij leggen deze kilometer te voet af, maar je kunt ook voor een handvol dinars gebruik maken van een paard.

Aangezien iedere belangrijke Nabateeër in de hoofdstad begraven wilde worden, werden er meer dan 1000 graven uitgehakt. Na de toegangsweg komen we bij de kloof - Siq genoemd - die 1200 meter lang is.

Wanneer we de kloof bijna uit zijn, komt het mooiste graf van Petra in beeld.Het is de Al-Khazneh, waarvan de bedoeïenen dachten dat er een schat verborgen was. Helaas hebben zij bij de zoektocht naar de schat nogal wat schade aangericht. Al-Khazneh is in slechts drie maanden tijd gebouwd in het jaar 84 voor onze jaartelling, waarschijnlijk in opdracht van koning Aretas III (IV?). Het graf is 43 meter hoog en 28 meter breed. Na een indrukwekkende tocht is het intussen bij half een, tijd voor de lunch.

Na de lunch gaan we naar het ‘klooster’ Al Deir, waarna we langzaam teruglopen naar de uitgang. Ik hoorde dat een bezoek van één dag eigenlijk te kort is om alles te zien. Dat klopt, aan het regenbooggraf en de grote offerplaats zijn we niet toe gekomen. Ik moet maar eens terugkomen en dan nog minimaal twee dagen in Petra doorbrengen. Het is het meer dan waard! Met de bus rijden we weer naar ons hotel.


Woensdag 21 november

Rondreis Jordanië

Om negen uur zitten we aan het ontbijt en om tien uur vertrekt de bus. Het is vandaag veel zonniger en helderder dan gister. De rit voert ons door een woestijnachtig landschap. Hoger en hoger gaan we tot we een prachtig uitzichtpunt bereiken. Daarna rijden we door tot het volgende uitzichtpunt, tevens moet hier entree worden betaald voor Wadi Rum. Dit is de berg van de zeven wijsheden. We stappen weer in de bus en rijden naar het Wadi Rum Resthouse.

Na de lunch kleden we ons aan voor een rit per jeep door Wadi Rum. ‘Wadi’ is Arabisch voor ‘vallei’ en ‘Rum’ noemen de Bedoeïenen de manier waarop een dromedaris eet. Onze eerste stop is bij de bron die genoemd is naar de legendarische Lawrence of Arabia.

Wadi Rum is bekend omdat het de grootste vallei is van Jordanië en al vanaf de prehistorie bewoond. De vallei is bedekt met roodachtig zand en overal doemen rotswanden op van zandsteen en graniet. Het is zonder meer indrukwekkend. Het is momenteel een graadje of 25, maar ik hoor dat de temperatuur in juli/augustus kan oplopen tot 49 graden.

We klauteren weer in onze Nissan en rijden in hoog tempo naar een bedoeïenen tentenkamp.
Aldaar worden we getrakteerd op mintthee met veel suiker. Het is een gebied van een imponerende schoonheid. Het is hier kurkdroog, toch staan er zo hier en daar struiken en zelfs een enkele boom. We stappen weer in en rijden in vlot tempo naar een rots. We klimmen enkele tientallen meters naar boven. Van hieraf hebben we een mooi uitzicht op een rotspartij in de verte, waar de zon onder zal gaan. Na dit natuurverschijnsel rijden we weer terug naar het Wadi Rum Resthouse.

We stappen weer in de bus en rijden in een half uurtje naar het Sand Rose Camp.
Bij aankomst zien we dat er in deze tent twee éénpersoonsbedden staan. Eerst gaan we ons warmen bij het kampvuur, want intussen is het koud geworden. Ik zie dat het net 12 graden is.

Iets verderop zijn toiletten en zelfs douches met warm water. Tja, de doucheruimte is niet verwarmd, dus laat ik mijn beurt voorbijgaan. Na nog een glas wijn houd ik het voor gezien en gaan we te bed.


Donderdag 22 november 2007

Duiken Aqaba Jordanië

De koks hebben het ontbijt klaar gezet. Koffie en thee, gekookte eieren, Turks brood, smeerkaas en nog zo wat. Het is simpel, maar lekker en in elk geval voedzaam.

Het is nog geen uur rijden en de rit gaat voornamelijk door de woestijn. Onderweg zien we de enige spoorlijn van Jordanië.
Akaba ligt aan de Rode Zee en is de enige havenplaats van Jordanië. Er is een vliegveld en er wonen en werken 70.000 mensen. We gaan eerst naar het hotel, gelukkig zijn de kamers beschikbaar.
Rond elf uur verzamelen we in de lobby en wandelen met Hamdan richting haven.
De bestelde bootjes - met glazen bodem - liggen voor ons gereed. Tegen half een komen we aan bij ons strandje. En dan gaan we snorkelen. In allerlei vormen en kleuren laat het koraal zich bewonderen. Ondertussen wordt op het strand de maaltijd bereid.

Vis - van de markt - wordt gebarbecued. Dat duurt natuurlijk even en pas tegen half drie kunnen we lunchen. Een uurtje later varen we weer terug en tegen dat we in Akaba zijn gaat de zon in Israël onder. Dat levert fraaie beelden op.


Vrijdag 23 november 2007

Rondreis Jordanië

Om negen uur vertrekken we en gaan op weg naar de Dode Zee. Tot nu toe reden we in algemeen zuidelijke richting, vanaf nu rijden we naar het noorden. We hebben een rit van maar liefst drie uur voor de boeg.

En dan is daar de Dode Zee, het laagst gelegen meer ter wereld. De zeespiegel ligt op 417 meter beneden zeeniveau. Er wordt de laatste jaren veel water onttrokken, zodat de Dode Zee aan het verdrogen is. Een serieus probleem, in 1872 was de Dode Zee 82 kilometer lang en nu nog maar 55 kilometer.

Een stuk verder is een strand. Het heet Amman Beach. Zwemmen hoeft niet - het lukt niet eens - je blijft vanzelf drijven. Nou ja, vanzelf, het komt door het zeer hoge zoutgehalte van de Dode Zee. Dat is maar liefst 33%. Wel moet je oppassen dat je het water niet in je ogen krijgt. Onmiddellijk uitspoelen met zoet water is het parool.

Na deze belevenis rijden we verder noordwaarts. Hamdan neemt vast afscheid van ons, morgen worden we door iemand van de reisorganisatie begeleid naar het vliegveld.


Zaterdag 24 november 2007

Reizen Jordanië

Om zeven uur staan we op, om half acht zitten we aan het ontbijt en om half negen rijden we. Na een half uurtje staan we op het vliegveld van Amman. Dit vliegveld heet: Queen Alia International Airport, genoemd naar de derde echtgenote van koning Hoessein (in 1999 overleden).

De agent van de reisorganisatie heeft z’n zaakjes goed voor elkaar: we krijgen van hem instapkaarten, hij bevestigt kofferlabels aan de ruimbagage, die we zo op de band kunnen zetten. We hoeven niet eens in de rij! Dit heb ik nog nooit meegemaakt! Hulde! We kunnen meteen door naar de security en de emigratie.

De verzorging aan boord is weer pico bello. Om 16.15 uur plukken we de ruimbagage van de band en een paar minuten later staan we op het NS-perron. Eenmaal thuis gekomen merk ik pas dat ik erg moe ben, ik heb weinig trek. Toch kan ik terugkijken op een zeer geslaagde vakantie. Jordanië is een prachtig land en ik kan het iedereen aanbevelen. Hamdan: bedankt!


Uw reisverslag hier?

Wij ontvangen graag uw reisverslag van een gemaakte reis met NRV. U verdient hier tevens reispunten mee, die u weer kunt inwisselen voor korting op uw reis met NRV! Meer info


of neem contact op
070 - 30 767 00